Hoger beroepsprocedure

Wanneer een amtenaar het niet eens is met de uitspraak van de rechtbank, kunt u hoger beroep instellen bij de Centrale Raad van Beroep (CRvB) te Utrecht. De CRvB is de hoogste rechter op het gebied van het ambtenarenrecht. De CRvB kijkt opnieuw naar de zaak en oordeelt over de uitspraak van de rechtbank. In de regel gebeurt dit door drie raadsheren (meervoudige kamer). Het hoger beroep wordt ingesteld door het indienen van een beroepschrift binnen zes weken nadat de uitspraak van de rechtbank bekend geworden is. Deze termijn wordt strikt gehanteerd. Een te laat ingesteld hoger beroep heeft tot gevolg dat het niet in behandeling wordt genomen. Het beroepschrift wordt dan niet-ontvankelijk verklaard.

Door het instellen van hoger beroep wordt de uitspraak van de rechtbank niet opgeschort. Voor het instellen van hoger beroep wordt door de CRvB griffierecht geheven. Als het vooronderzoek is afgesloten, dan ontvangt u een uitnodiging voor de mondelinge behandeling ter (openbare) zitting. Omdat er per jaar tussen de 7000 en 7500 zaken binnenkomen bij de CRVB, duurt het doorgaans minimaal één jaar eer de zaak ter zitting wordt behandeld. Overigens zijn partijen niet verplicht de zitting bij te wonen, tenzij in de uitnodigingsbrief staat dat partijen verplicht zijn om aanwezig te zijn (oproeping). In het algemeen is het wel aan te raden om de behandeling ter zitting bij te wonen.

Toetsing door de CRvB

De CRvB toetst ex tunc, dat wil zeggen dat de CRvB het besluit beoordeelt op basis van de feitelijke en juridische situatie zoals die bestond op het moment dat het besluit werd genomen. De CRvB betracht daarbij enige terughoudendheid (marginale toetsing). Dit houdt in dat de CRvB alleen toetst op rechtmatigheid. De CRvB kijkt alleen of het besluit niet ‘kennelijk onredelijk’ is en toetst of het bevoegd gezag die de eerdere beslissing nam in redelijkheid tot zijn oordeel heeft kunnen komen.

Na de mondelinge behandeling doet de CRvB binnen zes weken uitspraak. De uitspraak kan luiden dat het beroep ongegrond wordt verklaard waarbij de uitspraak van de rechtbank in stand blijft. Het beroep kan ook geheel of gedeeltelijk gegrond worden verklaard, waarbij de uitspraak van de rechtbank geheel of gedeeltelijk wordt vernietigd. De CRvB kan zelf uitspraak doen in de zaak of deze terugverwijzen naar de rechtbank. Als het hoger beroep ongegrond wordt verklaard staat er geen ander rechtsmiddel meer open om daartegen op te komen. Beide partijen zullen zich bij de uitspraak van de CRvB neer moeten leggen.

hvl juristen zijn als geen ander bekend met de hoger beroepsprocedure. HVL juristen adviseren ambtenaren en overheidswerkgevers omtrent de kansen en risico’s van een dergelijke procedure en staan partijen tijdens de procedure bij.